Afbeelding

Nieuwe koers in zzp-wetgeving: minder strijd,
meer zekerheid voor ondernemers

ZZP

Het kabinet neemt een nieuwe richting in de wetgeving rond zzp’ers. De omstreden ‘verduidelijkingswet’ binnen het wetsvoorstel Vbar (Wet Verduidelijking Beoordeling Arbeidsrelaties en Rechtsvermoeden) dat voor verwarring en onrust zorgde onder zowel zzp’ers als opdrachtgevers, wordt geschrapt. Techniek Nederland wil voor een evaluatie graag weten welke ervaringen ondernemers hebben met de Belastingdienst en heeft hiervoor een meldpunt in het leven geroepen.

De focus wordt volledig verlegd naar een gerichte aanpak van schijnzelfstandigheid én een versterkte, duidelijkere wettelijke positie voor échte zzp’ers. Voor de installatiesector betekent dat meer zekerheid over inhuurconstructies, maar ook een nieuwe kans om de rol van zzp’ers expliciet te benutten als aanvulling op vaste personeelsstructuren.

Uurtarief 38 euro is belangrijke grens

De kern van de aanpassing ligt in het onderscheid tussen zzp’ers met een relatief laag uurtarief en de duurdere, vaak specialistische zzp’ers in de technische sector. In de nu ingekorte wet Vbar gaat de aandacht vooral uit naar zzp’ers die maximaal 38 euro per uur verdienen. Voor hen wordt het rechtsvermoeden van werknemerschap versterkt. Dat betekent dat, als de zaak in twijfel wordt getrokken, de opdrachtgever moet aantonen dat er geen arbeidsrelatie is. Geeft hij dat niet aan, dan hecht de wet arbeidsovereenkomststatus aan en volgen de rechten van een werknemer.

Zelfstandigenwet

Tegelijkertijd wordt een aparte Zelfstandigenwet voorbereid voor zzp’ers met een tarief hoger dan 38 euro per uur. Die wet moet hen meer erkenning en duidelijke criteria geven, onder meer via een zogeheten zelfstandigentoets die kijkt naar echte ondernemerschap: meerdere opdrachtgevers, eigen risico, eigen inzet en eigen organisatie. In de installatie en technieksector, waar veel zzp’ers specialistisch en flexibel worden ingezet, is dit een belangrijke stap omdat het onderscheid tussen schijnzelfstandigheid en echte dienstverlening scherper wordt getrokken.

Nieuwe handhavingsfocus

De minister wil de aangepaste Wet Vbar zo snel mogelijk door de Tweede en Eerste Kamer laten behandelen, met een doelstelling om de nieuwe wet vóór 31 augustus in het Staatsblad te publiceren. Dat is noodzakelijk om Nederland aanspraak te kunnen blijven maken op Europese (corona-)steungelden. Hoe de handhaving precies in de praktijk eruit gaat zien, is nog niet volledig duidelijk, maar het uitgangspunt is dat de Belastingdienst zowel nu als in de toekomst output- en risico-gericht te werk gaat.

Handhavingspraktijk

In de tussentijd blijkt dat de praktijk nog niet volledig in lijn is met die aanpak. In 2025 richtte de Belastingdienst de handhaving op basis van de bestaande Wet DBA ook op sectoren waar zzp’ers vaak veel hoger dan 38 euro per uur verdienen. Vanuit Techniek Nederland luidt nu de boodschap: nu het kabinet expliciet kiest voor een focus op zzp’ers met een tarief tot 38 euro per uur, is het tijd om de handhavingspraktijk daadwerkelijk te sturen op die doelgroep.

Meldpunt Techniek Nederland

Techniek Nederland roept zijn leden daarom op om hun ervaringen met Belastingdienstcontroles te melden. Bedrijven die in 2025 al een bezoek van de Belastingdienst hebben gehad, of daar binnenkort mee te maken krijgen, worden gevraagd te delen wat er gebeurd is: welke opdrachten werden onderzocht, op welke punten werd kritiek gegeven en hoe verliep de dialoog. Die informatie wordt gebruikt om de sectorbestuurders te ondersteunen bij gesprekken met het ministerie over de precieze richting en intensiteit van de handhaving in de komende maanden én na het in werking treden van de nieuwe Wet Vbar.

Voor installatiebedrijven neemt de nieuwe koers in de zzp‑wetgeving de druk weg waarbij iedere zzp‑constructie automatisch als risico wordt gezien. Door de duidelijke split tussen schijnzelfstandigheid (lagere tarieven) en échte zelfstandigheid (hogere tarieven en een eigen Zelfstandigenwet) krijgen bedrijven meer ruimte om zzp'ers gericht in te zetten, mits de constructies juridisch en fiscaal steekhoudend zijn.